Ethan, een besnorde student annex hovenier, had me uitgenodigd voor een feestje. Het vond plaats in het studentenhuis waar hij tijdelijk woonde: een fraai vervallen, eind negentiende-eeuws pand aan de rand van Lake Monona, het meer in Madison waar Otis Redding in 1967 tragisch om het leven kwam nadat zijn vliegtuig erin neerstortte. Het was eenvoudig om te vinden, want de ramen stonden wijd open en er steeg een oorverdovend lawaai op uit het huis. Enigszins met lood in de schoenen liep ik de scheve veranda op, waar ik bij gebrek aan licht met moeite een handvol vage silhouetten kon onderscheiden. Van mijn ingebeelde swag van vorige week, toen ik Ethan en zijn vrienden had leren kennen, was geen spoor meer te bekennen. Mijn kennis van de Engelse taal leek zich weer eens teruggetrokken te hebben in de diepste krochten van mijn brein. Ik voelde me een soort alien. Voor de vuist weg uitte ik wat begroetingen. Een van de silhouetten kwam op me af, stak zijn hand uit en stelde zich voor als Bob.

‘Are you from Canada?’ vroeg Bob, die me qua naam, stem en voorkomen deed denken aan Bob Dylan in 1965. Zijn vraag ervoer ik als een groot compliment.

‘No, no, thank you, I’m Dutch.’

‘That’s so cool,’ zei hij enthousiast. ‘I’ve been to Copenhagen.’

Een ander zorgvuldig uitgedost figuur kwam erbij staan. ‘That’s so cool, I’ve been to Dublin,’ zei hij.

Binnen liepen studenten rond met kartonnen dozen ultralight bier onder hun arm en het rook overal naar wiet. Ik besloot op zoek te gaan naar Ethan, aangezien hij me had uitgenodigd voor dit festijn. Intussen bleef iedereen die ik tegenkwam zich heel beleefd aan me voorstellen. Een jongen die Charlie heette, zei dat hij vandaag 21 was geworden. Ik feliciteerde hem en vroeg of hij het soms was die dit feestje gaf, om te verifiëren of ik me wel op de juiste gelegenheid bevond.

‘No, no, this is Ethan´s party.’ Hij nam een hap van iets wat eruit zag als een kleine paddenstoel.

‘You want some?’ Uitnodigend hield hij het stuk zwam in mijn gezichtsveld, maar ik weigerde beleefd.

Ik liep nog maar eens een trap op. Op zolder trof ik Ethan geheel ten onrechte achter een drumstel aan, want drummen kon hij absoluut niet. Maar hij leek mijn aanwezigheid te waarderen, zo leek het althans toen hij me als een soort curiosum aan zijn eveneens a-muzikale, stug jammende vrienden voorstelde. Ik op mijn beurt was blij dat ik hem nog herkende en hij mij. Hij moest de volgende dag verhuizen, een projectontwikkelaar had het pand opgekocht, en het zou in het kader van de gentrificatie van deze buurt verbouwd worden tot een exclusief appartementencomplex, vandaar dit feestje. Het was een soort afscheidsfeestje. Hij praatte nog meer dan de vorige keer en begon een betoog over een of andere politicus die onlangs de nazi’s ‘een typisch Amerikaans verschijnsel’ had genoemd. Net als de vorige keer dat we elkaar spraken, kwamen er al gauw mensen om Ethan heen staan. Ik kreeg opnieuw de indruk dat hij hier gold als een bescheiden komische sensatie. Niet alleen omdat hij zijn mening zo onomwonden durfde uit te spreken, maar misschien ook omdat hij niet zo conformistisch in zijn taalgebruik was: de gemiddelde inwoner van het midwesten meed scheldwoorden en grof taalgebruik namelijk als de pest, maar dat gold in het geheel niet voor Ethan. Het knappe in zijn geval was dat dat op zich niet irritant overkwam, wat toch opvallend is voor iemand die heel veel aan het woord is. Het deed me allemaal ook wel denken aan de gedrevenheid en het idealisme waarmee ik omringd werd tijdens mijn eigen studententijd, zij het dat die bepaald niet gekenmerkt werd door zulk uitbundig drugsgebruik als ik hier om me heen zag. Mensen snoven lijntjes vanaf een glazen tafel en veel gesprekken gingen over het kweken van hallucinogene paddenstoelen en truffels. Van dat laatste had ik nog nooit gehoord, maar hier leek het allemaal volkomen normaal te zijn.

Een jongen met een kartonnen pak Bush Lite-bier onder zijn arm geklemd kwam erbij staan. Onzeker vroeg hij waar ik vandaan kwam. ‘Amerikanen zijn zo frustrerend dom,’ verontschuldigde hij zich alvast. Het paste bij het bekende beeld. Veel aanwezigen leden aan plaatsvervangende schaamte voor hun landgenoten en voelden zich geroepen om dat kenbaar te maken aan de buitenlander in het gezelschap.

‘Het ergst zijn Amerikanen uit het Zuiden,’ vulde Ethan aan, ‘of beter gezegd: mijn hele familie.’ Zijn moeder kwam uit Alabama. ‘We’re from the South, and we’re proud of our heritage y’all,’ knauwde hij spottend. Het klonk als Cartman van Southpark.

We don’t take kindly on strangers,’ deed ik een imitatie-duit in het zakje, me een South Park-aflevering herinnerend waarin alle stereotyperingen rond het zuiden volledig werden ingezet om ze volledig belachelijk te maken.

Naarmate het feestje vorderde, begreep ik steeds beter waarom je zo weinig studenten in het uitgaansleven in Madison zag. Het kwam er eigenlijk op neer dat niemand genoeg geld had om naar de kroeg te kunnen gaan, en daarom maar zijn eigen edibles en wiet kweekte en het allergoedkoopste light-bier dronk.

En intussen putte vrijwel iedereen zich uit in het kenbaar maken van zijn of haar walging over alles wat er op dat moment verschrikkelijk was aan hun land. En dat was nog veel meer dan ik al wist, zo bleek in de loop van de avond. Een ongezond uitziende jongen vertelde dat hij, voordat hij naar Madison was verhuisd, een jaar aan Humboldt State University in Californië gestudeerd had en uit geldgebrek dat hele jaar in zijn auto had gewoond. Overigens zonder dat zijn ouders daarvan op de hoogte waren. Een beurs voor eerstegeneratie-studenten had hem ‘gered’, biechtte hij op. Hij voelde zich dankbaar voor het feit dat hij nu in Madison woonde en bezwoer dat hij, ondanks het barre winterklimaat, nooit meer terugging naar Californië. Zijn verhaal sloot aan bij een bekend beeld: de laatste jaren verlieten veel Californiërs hun thuisstaat, omdat het leven er intussen simpelweg onbetaalbaar was geworden.

Een andere eyeopener was Ethans relaas over de discriminatiewetgeving in Alabama, een staat met sowieso een bezopen rechtssysteem: daar weigerde de Republikeinse meerderheid al decennia om discriminatie op basis van ras, leeftijd of seksuele geaardheid te verbieden. Hij vertelde dat in Alabama nog steeds mensen ontslagen werden vanwege het feit dat ze zwart of homo waren, of omdat ze te oud werden bevonden. In Alabama genoot je als burger namelijk het récht om te discrimineren, een recht wat zelfs furieus verdedigd werd (en wordt) door opnieuw de blanke, mannelijke Republikeinen die het daar al een eeuwigheid voor het zeggen hebben. In mei 2019 hebben diezelfde blanke Republikeinse mannen abortus strafbaar gemaakt met een meerderheid van 25 stemmen. Het Hooggerechtshof zal de doorslag moeten geven of je straks vier jaar de gevangenis in moet nadat je een abortus hebt moeten ondergaan.

En zo ging het maar door. Bij het aanhoren van al deze buitensporige voorbeelden van onrecht, ellende en lafheid, begon ik van de weeromstuit de gemiddelde Nederlander een steeds grotere zeikerd te vinden. Hier, in de VS, kende men immers problemen waar we in dat overgeorganiseerde minilandje aan de Noordzee niet eens van kon dromen. Ineens schaamde ik me een beetje voor mijn jarenlange gevit op de vaderlandse spoorwegen. Vergeleken met het treinsysteem in het Midwesten, leken de NS ineens het toonbeeld van service en efficiëntie. In het Midwesten bleek op sommige plekken geeneens meer sprake te zijn van een noemenswaardige vorm van infrastructuur, en de laatste passagierstrein was daar sowieso al decennia geleden tot stilstand gekomen.

Besmuikt dacht ik terug aan die keer aan het begin van de jaren nul, toen ik als student geprotesteerd had tegen de verhoging van het collegegeld van 1350 naar 1500 euro per jaar. Terwijl deze studenten allemaal gemiddeld tussen de 16.000 en 30.000 dollar per jaar aan collegegeld moesten betalen om te mogen studeren.

Alle anekdotes die ik die avond hoorde, hadden een overeenkomst: verantwoordelijk voor alle ellende waren steevast Republikeinse politici. Ik wist allang dat de gemiddelde inwoner van Madison (bijnaam: ‘the blue dot in a red state’) bepaald geen Trump-stemmer was, maar toch kon ik me hun schaamte daarover goed voorstellen. De extreem religieus-conservatieve achterban van de Republikeinen in de VS is zó groot (en eensgezind), dat het bijna ongelooflijk is dat een (zwarte) democraat als Barack Obama er überhaupt 8 jaar president heeft kunnen zijn. Tel alleen al het conservatieve zuiden en het de laatste jaren overwegend Republikeins stemmende Midwesten bij elkaar op, en je zit al bijna over de helft van het totaal aantal inwoners. En ‘conservatief’ is in de VS bepaald niet hetzelfde als wat daarmee in Nederland wordt bedoeld. Denk bij conservatief in de VS aan de denkbeelden van de sgp en de pvv, onder druk verhit in een snelkookpan. Denk aan mannen die onderling furieus discussiëren over de vraag of de aarde plat is en of kanker al dan niet een straf is van god. Ook al zijn dit misschien uitwassen, ze zijn op zich wel verklaarbaar. Op de eerste plaats helpt de aanwezigheid van extremistische religieuze groeperingen in de VS niet. Die hebben vaak hun wortels in Europa, maar zijn dat continent ooit ontvlucht om aan vervolging wegens hun extreme opvattingen te ontkomen. En in de VS hebben niet alleen gematigde, maar ook de meer sektarische kerkgenootschappen altijd een vruchtbare voedingsbodem gevonden. Sterker nog: ze groeien en bloeien er, en ontwikkelen zich afzonderlijk van elkaar in een geheel eigen richting. Daarbij speelt ook mee dat veel gebieden in de VS een ontwikkeling hebben doorgemaakt die in de loop van decennia vaak redelijk geïsoleerd van de buitenwereld heeft plaatsgevonden. Gemeenschappen waarbij je pakweg Urk nog het toonbeeld van progressie en innovatie zou kunnen noemen. Vermoedelijk draagt een afgeschermd, verzuild leven, met zo min mogelijk invloed van de boze buitenwereld, aan de hand van soms extremistische dominees, niet bij aan een open, tolerante houding jegens andersdenkenden of onbekenden in het algemeen. Algemeen voortschrijdend inzicht gaat in veel gevallen aan dit soort gemeenschappen voorbij.

Verder is de staat van het openbaar onderwijs op veel plekken in de VS ronduit erbarmelijk; er gaat veel te weinig geld naartoe en op veel plaatsen is het onderwijs geïnfecteerd met opnieuw zwaar religieuze opvattingen. Zo is het volkomen normaal dat de evolutietheorie op veel scholen helemaal niet onderwezen wordt.

Daarnaast hebben de openlijke corruptie, het nepotisme van de super-PAC’s dat gemeengoed is in de Amerikaanse politiek, plus bizarre verschijnselen als gerrymandering, ervoor gezorgd dat veel teleurgestelde Amerikanen zich volledig hebben afgewend van alles wat met politiek te maken heeft. Top dat af met de aan hersenspoeling grenzende invloed van naar rechts-extremistische hoek opgeschoven media als Fox News en Fox & Friends, deprimerend genoeg vaak de enige nieuwsbron waaruit miljoenen Amerikanen hun informatie putten, en voilà: je hebt een redelijk betrouwbaar recept voor een democratisch gekozen despoot.

Feestgangers lieten me onthutsende filmpjes zien van een bejaarde Republikeinse gouverneurs-kandidaat, die op een podium, al zwaaiend met een pistool en een Bijbel, verkondige wie er volgens hem niet in de Amerikaanse samenleving thuishoorden. Homo’s. Mexicanen. Daklozen. Vooral de ongebreidelde haat en woede bij die Republikeinse politici heeft me verbaasd. In plaats van het probleem van miljoenen daklozen in de VS te willen aanpakken, of iets te doen aan de kern of wortels van die problematiek, komen de meeste Republikeinen, vooral die in het Zuiden, niet verder dan een schijnbaar chronisch soort woede. Een aantal van dit soort ‘politici’ is openlijk racistisch en vindt dat met name zwarte daklozen hun vaak erbarmelijke leefomstandigheden te danken hebben aan hun ‘cultuur’ en ‘levensstijl’, en niet aan eeuwen achterstelling en repressie, waarbij het hen op veel plaatsen in de VS tot diep in de twintigste eeuw bijvoorbeeld verboden was om lid te worden van vakbonden, waardoor ze nooit een werkvergunning konden krijgen en daarbij dus geen baan, waardoor hun kinderen niet naar school konden, met alle denkbare gevolgen tot op de dag van vandaag: een meisje vertelde het schrijnende verhaal over haar opa, die, gevlucht uit het Zuiden, vervolgens geen taxichauffeur mocht worden in Chicago.

Die ongebreidelde woede borrelt bij sommige Republikeinse politici ook op bij onderwerpen als het beschermen van bedreigde diersoorten, psychische gezondheidszorg of klimaatproblematiek. Voor het oog van de camera zie je ze rood aangelopen fulmineren, omdat iemand heeft voorgesteld om het jagen op een bijna uitgestorven berensoort te beperken. Of extreem dure medicijnen goedkoper te maken. Dat vinden ze namelijk oprecht schandalige ideeën. Je gaat als patriot toch zeker niet betalen voor andermans verwerpelijke levensstijl? Het huiveringwekkende personage Jonah Hill uit de geweldige serie Veep is dan ook een stuk minder karikaturaal dan je zou willen.

Enigszins hoopgevend was dat iedereen op Ethans feestje een totale verbijstering over dergelijke excessen deelde. Ze beschikten allen in meerdere opzichten over een ‘verlichte geest’. Maar naarmate de avond vorderde, raakten de meesten de draad van het gesprek na een halve minuut wel kwijt. Veel feestgangers kwamen vast te zitten in een soort loop, gevormd door een schier eindeloze reeks memes die ze op elkaar telefoons bekeken en zonder uitzondering hilarisch schenen te vinden. Waarschijnlijk droeg mijn relatief nuchtere toestand niet bij aan het appreciëren daarvan. Terwijl de sfeer intussen wel steeds onsamenhangender werd, zullen we maar zeggen. Toen ik naar het toilet ging, vond ik daar het op dit soort feestjes kennelijk nog altijd traditionele, kotsende meisje. Toen ben ik maar naar huis gegaan.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s